|
Standpunten > Archief vragen en moties > Archief 2011 > Algemene beschouwingen 2011 |
Word lid! | |
Algemene Beschouwingen GroenLinks 2011In deze tijd van economische én Haagse tegenwind moet bijna alles goedkoper. En alsof er voor het geld nooit aandacht is geweest, het blijkt als ik het College goed heb beluisterd, ook allemaal goedkoper en beter te kunnen. Mooie praatjes, maar voor de Raad geven ze aanleiding om de resultaten van het beleid van Enschede extra kritisch te volgen en waar nodig en waar mogelijk eventuele schade die Den Haag ons toebrengt te repareren. Waar het kabinet in de laatste weken voor het Kamerreces probeerde af te sluiten met een paar vrolijke noten, de verlaging van de overdrachtsbelasting was de laatste, is de afsluiting van het politieke jaar voor gemeenten er eentje in mineur. Dat geldt zeker voor Enschede met zijn hoge werkloosheid en arme bevolking. Hierover gaan voor mij deze algemene beschouwingen voorzitter. Voor twee wethouders en voor twee fracties in deze Raad kan dat lastig zijn, maar ik denk dat ook zij in de eerste plaats over de belangen van onze inwoners nadenken en moeten nadenken. In het bijzonder heb ik het over onze vele inwoners die het op de krappe Twentse arbeidsmarkt niet redden, over mensen die anderszins de aansluiting bij de samenleving missen, over mensen met een arbeidsbeperking, over Enschedeërs die ondersteuning of zorg nodig hebben. Den Haag heeft in Enschede een dikke vinger in de pap, maar we zijn er zelf bij en het College stelt ons allerlei nieuw beleid voor en pleit ervoor de bezuinigingen gewoon 100% door te voeren. GroenLinks vreest dat kwetsbare inwoners van Enschede hierdoor buitengesloten kunnen raken. Door de keuze bezuinigingen niet te compenseren dalen de budgetten van wethouder Koomen dramatisch en dreigen onder meer de minima, werkzoekenden met een taalachterstand of mensen met een inburgeringsbehoefte in de toekomst buiten de boot te vallen. De helft van de inburgeraars deed vrijwillig mee, daar kunnen we trots op zijn maar vanaf 2013 stopt het Rijk met de financiering en houdt het op. Ook voor mensen met een arbeidsbeperking verandert er ontzettend veel en hun onzekerheid is groot. Ook voor ons als lokale politiek is het onzeker of de transitie van de sociale werkplaats zal slagen, zowel in zakelijk als in menselijk opzicht. In Enschede hadden we lang het credo – de PvdA gebruikt het ook wel eens: Iedereen telt mee. Volgens GroenLinks moeten we er alles aan doen dat credo niet los te laten, vandaar dat we van mening zijn dat we moeten bijsturen en compenseren zo gauw als blijkt dat groepen het minder gaan doen. De Rijksbezuinigingen opvangen in financiële zin is onmogelijk. Er moeten dus keuzes worden gemaakt, of we nu willen of niet, maar wij sluiten onze ogen niet voor de gevolgen en hebben daarom met (onder meer) de PvdA een motie ingediend over de invulling van het Enschedese Arbeidsmarktbeleid, waarin we pleiten voor scherpe doelstellingen en monitoring van alle denkbare doelgroepen zodat de Raad kan bijsturen en compenseren zo gauw als nodig. We hebben concrete en afrekenbare doelen nodig, inclusief nulmetingen en een planning. Samen met D66 dienen we een soortgelijke motie in m.b.t. taal- en inburgering. Overigens geldt wat ons betreft deze oproep aan het College in het algemeen, ook voor andere beleidsterreinen als de zorg: geef voorrang aan een goede monitoring van beleid en neem de Raad mee zodat in samenwerking met de Raad tijdig bijgestuurd kan worden. Nu we met bezuinigingen en grote veranderingen te maken hebben, maar evenzeer in financieel betere tijden is het van belang naar verbetermogelijkheden te zoeken en kritisch naar doeltreffendheid van vastgesteld beleid en de kwaliteit van de uitvoering te kijken. Dat is niet de exclusieve taak van de Raad en onze rekenkamer. We hebben geen en zeker geen harde afrekencultuur in de Raad van Enschede, nog niet, maar er moet wel wat veranderen. Tegenvallende resultaten moeten in het vervolg veel meer en opener met de Raad worden besproken, resultaten van oud beleid zoals ’t Vaneker, het ATC en nieuw beleid zoals bijvoorbeeld het project Pathmos/Stevenfenne werkt. Zowel bij de problemen met de Rioolheffing als bij ‘t Vaneker waren planning & control en de informatievoorziening naar de Raad onvoldoende. ’t Vaneker staat morgen op de agenda. Een conclusie die in dat dossier ook weer getrokken kan worden is opnieuw dat hard moet worden gewerkt aan ons zicht op de doeltreffendheid van beleid, de kwaliteit van de uitvoering en de communicatie met de Raad. Bij elkaar heeft het College met deze punten een groot probleem. Voorzitter, op één onderdeel is volgens mij een raadsmeerderheid van mening dat de Rijksbezuinigingen gecompenseerd moeten worden en dat is het armoedebeleid. Het inkomensondersteuningsbeleid van Enschede wordt door onderzoekers sober genoemd terwijl armoedebeleid mensen beter in staat stelt mee te doen in de samenleving. De gemeente geeft volgens mij weinig euro’s uit die doeltreffender zijn in het bevorderen van het welzijn en de kansen van mensen, 25.000 mensen maken hier gebruik van in Enschede. Voorzitter, voor een aantal partijen is dit punt nog afhankelijk van een visie op armoedebeleid. GroenLinks vindt dat vreemd. We hebben al eerder aangegeven dat we in Enschede niet lang over het verschijnsel armoedeval hoeven te praten. We hebben 5 tot 10.000 arbeidsplaatsen te weinig in Enschede en dat is de belangrijkste verklaring voor het hoge aantal bijstandsuitkeringen in deze stad. Niet zozeer een extra stimulans om te gaan werken is nodig, banen hebben we nodig! Dat blijkt ook uit diverse onderzoeken voorzitter. Onderzoekers van het Sociaal Cultureel Planbureau en het CBS komen tot de conclusie dat de armoedeval slechts een beperkte rol speelt in de participatiebeslissing. Als er wordt gekort op inkomensondersteunende maatregelen zal dit direct invloed hebben op het inkomen van mensen, maar het gedrag van mensen verandert nauwelijks. Met andere woorden, een samenhang met ons armoedebeleid is er eigenlijk niet, mensen willen graag werken als ze de kans krijgen. Wel is een discussie nodig over de bonus van 50,- euro op het werken met behoud van uitkering en het is denkbaar het vinden van een baan extra te belonen, daarom steunen we het amendement van de PvdA. Hierbij dien ik mede namens de SP een amendement in waarin we op 1 punt verder gaan. We stellen voor de bezuiniging op armoedebeleid niet in te vullen en we spreken daarin ook alvast uit dat voor dit bedrag een andere dekking gezocht moet worden bij de programmabegroting. Wij kunnen ons voorstellen dat uit de zoekrichtingen voor bezuinigingen meer structureel geld kan worden gevonden, maar GroenLinks is van mening dat nu we weten wat Den Haag op de gemeenten bezuinigt hierbij ook ons eigen nieuwe beleid tegen het licht moet worden gehouden, bijvoorbeeld de citymarketing, het project in Pathmos en de jaarlijkse drie miljoen extra voor innovatie. Daarmee wordt het een vraagstuk dat de oppositie niet alleen kan oplossen en om die reden hebben we de dekking in het voorstel open gelaten. Voorzitter, GroenLinks heeft een voorstel voorbereid waarmee we minima een extra steuntje in de rug willen geven en tegelijkertijd een bijdrage willen leveren aan het behalen van de duurzaamheidsdoelen van Enschede. We stellen voor collectief, eventueel samen met andere gemeenten groene energie in te kopen voor minima. Een aantal andere gemeenten is hier ook mee bezig. Tegen geringe uitvoeringskosten kan dit voor de gebruiker tot een besparing van zo’n 130 euro per jaar leiden en de opbrengst voor het milieu mag er ook zijn aangezien veel mensen nog grijze stroom afnemen. De goede ervaring in Enschede met de collectieve zorgverzekering, zal helpen hier een succes van te maken. Ik dien de motie hierbij in. Het College zet stappen vooruit bij het in beeld brengen van onze duurzaamheidsopgave en er wordt over het onderwerp door het College goed nagedacht, daar hebben we vertrouwen in. Waar we minder vertrouwen in hebben is of de middelen die we eraan besteden wel voldoende zijn. Kijkend naar beantwoording van technische vragen, komt Enschede er in financieel opzicht en qua ambitie zeker niet als koploper uit t.o.v. andere vergelijkbare gemeenten, maar wie weet wel als het gaat om de resultaten die we mogen verwachten, daar wordt niet op in gegaan. Het lijkt ons nuttig dat de afdeling deze vergelijking samen met de focusgroep verder verdiept in aanloop naar de programmabegroting. De vraag die onbeantwoord blijft is hoeveel geld is er eigenlijk nodig om de ambities te halen? Na de nucleaire ramp in Japan, is in de hele wereld de discussie over kernenergie opnieuw opgelaaid. Diverse Nederlandse gemeenten hebben zichzelf kernenergievrij genoemd, wij stellen voor dat Enschede zich bij deze beweging van onderop aansluit. Lokaal worden de gevolgen en de risico’s het meest gevoeld. Ik dien hierbij in, de motie Enschede kernenergievrij. De zorgen van mensen over kernenergie hebben in Europa de grootste verandering teweeg gebracht in Duitsland. Daarmee kom ik op de lessen uit Berlijn, die wij hadden opgeschreven tijdens de raadsexcursie: In Berlijn zie je in het groot hoe belangrijk realisme is. Een veel te lang nagestreefd en strak geregisseerd groeiscenario heeft de Duitse hoofdstad onvoorstelbaar hoge schulden gebracht en weinig economische voorspoed, de werkloosheid is er soms nog een procent hoger dan in Enschede. Door het lange doorzetten van de actieve grondpolitiek in de afgelopen jaren en het geweldige risico dat de gemeente Enschede op zich heeft genomen met de ontwikkeling van een luchthaven, is dit scenario voor Enschede niet geheel denkbeeldig. Om onze economische ontwikkeling blijvend te kunnen stimuleren, is realisme belangrijk en laten we ook niet vergeten hoe belangrijk projecten op kleine schaal zijn. De ontwikkeling van een leefbare en duurzame stad met toerisme, een nummer één binnenstad zonder leegstand, met hotels en een congrescentrum gaat via kleine en creatieve stapjes. Ambitie en realisme willen we ook graag bij de op zich mooie plannen voor de zogenaamde stadsweide. We doen met onder meer D66 een voorstel om sowieso de toekomstige ontwikkeling van de bibliotheek veilig te stellen en vragen onderbouwde plannen voor een eventuele verhuizing, waarbij onder meer de verkoop van het oude pand getackeld moet worden. Als dat niet lukt, moet er geld gereserveerd blijven voor modernisering van de bibliotheek op de huidige locatie. Ik had het over Duitsland, dat is voor ons naast de deur, daar moeten we beter van profiteren, Enschede heeft immers internationale mogelijkheden. Ik kan daarover doorgaan maar ik gebruik het in dit geval als bruggetje naar de vluchtelingen en migranten in Enschede. De ondersteuning aan hen door Alifa is al jaren aan het schommelen en vrijwilligers die bij vluchtelingenondersteuning betrokken zijn hebben zich hierover, al gaat het om weinig uren, meer dan eens beklaagd. In een motie vragen we het College om voldoende specialistische ondersteuning en we vragen vrijwilligers te betrekken bij de geplande evaluatie van het welzijnswerk. Deze dien ik hierbij in. Hieraan gekoppeld is de volgende motie, waarin we voorstellen Enschede de petitie tegen strafbaarstelling van illegaal verblijf mede te laten ondertekenen. Momenteel werkt het Rijk er hard aan procedures te versnellen en te verduidelijken en in dit verband sprak minister Leers afgelopen week over valse hoop bij vluchtelingen. Valse hoop is ook niet goed voorzitter en moeten we niet in de hand werken, maar valse hoop geeft het kabinet ook zelf door te beweren dat ze uitzettingen kan garanderen en het probleem van illegaliteit kan oplossen. Strafbaarstelling van illegaal verblijf zou hierbij helpen. Afgelopen week overhandigde Kerk in Actie een handtekeningenlijst aan de minister, maar de grote petitie tegenstrafbaarstelling.nl waarbij Kerk in Actie is aangesloten, staat nog open. Deskundigen denken dat strafbaarstelling, in strijd met vele verdragen, grote problemen en onnodig leed zal veroorzaken. Zij hebben de petitie dan ook getekend - ook een aantal kleine en grote gemeenten waaronder de hoofdstad. Het College probeert veel te doen aan contact en samenwerking met partners, dat is goed. Echter het draagvlak in de Raad krijgt naar onze mening te weinig aandacht van het College. We moeten het doen met briefjes op het laatste moment, die liefst een minimum aan informatie bevatten. Ik denk hierbij terug aan de gebeurtenissen rond het bestuursakkoord waarin wethouder Koomen solistisch optrad en waarbij het debat uiteindelijk door de Raad is geforceerd, aan de bezuiniging op het ATC als totale verrassing en het niet uitgevoerde amendement van de coalitie over armoedeval. Bij de sociale onderwerpen, de arbeidsmarktaanpak, schuldhulpverlening, de problemen bij de DCW wil GroenLinks er dichter op zitten maar de betrokken wethouder of wethouders lijken niet geïnteresseerd in een breed politiek draagvlak. Het College, in het bijzonder wethouder Koomen moet de Raad eerder betrekken en informeren. Het lijkt me daarnaast van belang dat het College aandacht blijft geven aan de samenwerking met de regiogemeenten. Enschede werd aangekeken op de tussen aanhalingstekens “Twentse” plannen die afgelopen voorjaar werden gepresenteerd bij het Twente Dinner in Den Haag. De aanhalingstekens omdat een aantal van de regiogemeenten niet mee waren met die plannen. Voorzitter, ik wil benadrukken dat het College op een aantal grote onderwerpen het contact met de Raad dreigt te verliezen of had verloren (denk maar aan het Vaneker) en onder die omstandigheden kan het vertrouwen heel snel afnemen. Ook de wens van de Raad om het startersbeleid in bestaande vorm te laten voortbestaan, uitgesproken in een amendement dat is aangenomen bij de begroting vorig jaar, heeft het College naast zich neergelegd. Om dat te repareren hebben we helaas een nieuw amendement moeten opstellen dat ik hierbij indien, mede namens de Partij van de Arbeid, D66 en de SP. Ik dien hierbij ook in een amendement over het budget voor kunstgras: Zonder dat de Raad erover heeft besloten is hierover een voorstel van het CDA verwerkt in de kadernota waar in ieder geval GroenLinks het niet mee eens is. Het College had volgens GroenLinks een goede en onderbouwde visie op investeren in kunstgras. Vandaar. Het College staat voor een aantal grote opdrachten: het opvangen van de rijksbezuinigingen en tegelijkertijd mensen aan het werk helpen; de transitie van de sociale werkplaatsen; er moeten banen bij. In dat verband dienen wij met De PvdA een motie in over de publieke sector als werkgever en in het bijzonder de gemeente Enschede, omdat de gemeente het goede voorbeeld moet geven. Werkgevers moeten mensen met een arbeidsbeperking in groten getale gaan aannemen. De gemeente heeft volgens mijn informatie nog geen enkele SW’er in dienst. Wat GroenLinks betreft komt er een onorthodoxe aanpak onder het motto, de koffieautomaten eruit en de lage loonschalen erin. GroenLinks vindt het niet kunnen als de gemeente profiteert van arbeidskrachten die gedwongen kunnen worden te werken voor hun uitkering. De druk op de middelen voor onderhoud openbare ruimte staat op p. 30 van de kadernota – daar is inderdaad al veel op bezuinigd – wil het College compenseren met de inzet van bijstandsgerechtigden. Dat is niet het goede voorbeeld, GroenLinks roept daarom het College op verdringing tegen te gaan en laaggeschoolde arbeid zoveel mogelijk te stimuleren in reguliere functies. Er is nog een grote duurzaamheidsopgave, het grondbedrijf moet op orde komen, er zal iets met het luchthaventerrein moeten gebeuren, waarbij we overigens van mening zijn dat de plannen sowieso voor alleen de noodzakelijke ontsluiting door ons groene hart, het beste kunnen wachten tot de exploitant bekend is. Er is nog zoveel te doen voorzitter, maar met deze onderwerpen wil ik niet afronden. Ik wil afronden met de oproep aan het College sociale stijging weer expliciet als ambitie op de agenda te zetten. Maatschappelijke activering mag geen symboolpolitiek worden, die kant gaat het op met de nadruk op de maatschappelijke tegenprestatie. Doelstelling moet zijn dat mensen en vooral jongeren de kans krijgen sociaal te stijgen. De uitkeringstrekker prikkelen, is niet effectief als er geen passend werk is. Zorg daarom dat werkzoekenden zich kwalificeren. En besteed ook aandacht aan de zoon of dochter van ouders in een uitkeringssituatie. Ook zij moeten soms gemotiveerd worden, aansluiting vinden en een goede opleiding doen.
|
|
|
| Deze site maakt gebruik van HTMLcms, CMS Content management systeem |